|
Zoals u wellicht weet, levert het stadsbestuur via haar drugpreventiebeleid al geruime tijd inspanningen om het gebruik van illegale middelen in de stad te ontmoedigen. De stad kiest ervoor om naast illegale middelen ook alcohol- en medicatiegebruik in de projecten en de acties mee op te nemen.
Met het drugpreventiewerk wordt een lange termijn effect beoogd en worden structuren gecreëerd waarin een duurzaam beleid kan groeien. Bij structuurgericht werken ligt de nadruk op een ondersteunende omgeving en worden veranderingen op organisatorisch en structureel vlak beoogd, zoals bijvoorbeeld alcohol- en drugbeleidsplannen in de organisaties of het uitbouwen van laagdrempelige hulpverleningsinitiatieven. Daarnaast proberen we het thema bij de Brugse bevolking ook regelmatig onder de aandacht te brengen via tal van sensibiliseringsacties.
Juist daarom kiezen we ervoor om te werken via intermediairen die ondersteund worden door onze drugpreventiewerkers om in hun eigen organisatie beleidsmatig actief te zijn. Naast de vertrouwde sectoren onderwijs, bijzondere jeugdzorg en horeca werd in 2008 een nieuwe sector uitgedaagd om ook preventief te werken, namelijk de sector arbeid en in het bijzonder de sociale economie bedrijven. Waarom ons richten naar de bedrijven in Brugge? Uit de omgevingsanalyse kwam onder andere naar voor dat het alcoholgebruik bij volwassenen en in het bijzonder bij de beroepsactieve bevolking niet te onderschatten is. Naar schatting 5.400 Bruggelingen boven de 15 jaar kampen met problematisch alcoholgebruik. Problematisch gebruik bij mannen ligt kennelijk hoger dan bij vrouwen. In de leeftijdsgroepen 35-44 jaar en 45-54 jaar zitten proportioneel de meeste problematische gebruikers. In het beleidsplan drugpreventie werd dan ook extra aandacht gevraagd voor het thema alcoholgebruik bij volwassenen. Hoog tijd dus om de alcohol- en drugthematiek ook op de werkvloer onder de aandacht te brengen. We zijn er als stadsbestuur immers van overtuid dat ook werkgevers een belangrijke verantwoordelijkheid hebben om het middelengebruik en zeker het problematisch gebruik zowel op als naast de werkvloer ernstig te nemen. In deze overtuiging staat het stadsbestuur trouwens niet alleen: ook de nationale wetgever via de zogenaamde CAO 100 verplicht bedrijven een intentieverklaring te ondertekenen waarin ze zich engageren aan het thema te werken binnen hun eigen bedrijf. In mei 2009 werd de stad Brugge uitverkoren om naast tal van andere Vlaamse steden mee te stappen in een project van de Vlaamse overheid, namelijk ECAT. ECAT staat voor ‘to empower the community in response to Alcohol Threats’. ECAT heeft dus de bedoeling om de effectiviteit van alcoholcampagnes op lokaal niveau te verhogen. Om het project in de praktijk uit te voeren, stelde de Vlaamse minister een logistieke en financiële ondersteuning ter waarde van 29.000 euro ter beschikking. Een uitdaging die de stad uiteraard niet uit de weg ging, want het ECAT projectvoorstel sloot goed aan bij onze eigen ambities en inspanningen rond de alcoholthematiek zoals bijvoorbeeld de brochure voor ouders ‘drinken is geen kinderspel’ en de acties naar de horeca om verantwoord schenkgedrag te stimuleren. Het ECAT-project bood meteen de kans om een alcoholcampagne te ontwikkelen voor de werkgevers en werknemers in de sociale economie sector. Uit onderzoek blijkt immers dat heel wat mensen zich niet bewust zijn van het feit dat alcohol drinken op het werk risico’s met zich meebrengt. Risico’s voor zichzelf maar ook voor anderen zoals de eigen collega’s of klanten. Daarnaast is het ook vaak niet geweten dat de werkgever de werknemer kan aanspreken over zijn alcoholgebruik. Om de mensen op de werkvloer (zowel werknemers als omkadering) wakker te maken over het thema ‘alcohol op het werk’ heeft de preventiedienst in samenwerking met Middelpunt (CGG preventie Alcohol en drugs West-Vlaanderen) een communicatiecampagne opgezet. Drie Brugse sociaal economie projecten werden geselecteerd om de campagne uit te testen op de werkvloer: - Kringloopcentrum ’t Rad - SOBO - en een project binnen het OCMW. De campagne ‘alcohol op de werkvloer’ werd gelanceerd in februari 2010. Posters, postkaarten en notablokken met ‘wist je dat boodschappen’ over het thema alcohol werden verspreid in de drie organisaties: aan de prikklok, in de refters, aan de koffieautomaten en op tal van andere plaatsen waar de medewerkers regelmatig passeren. Niemand kon ernaast kijken. De sensibiliseringscampagne werd op het einde van april 2010 door het personeel positief geëvalueerd. ‘De campagne heeft ons als organisatie, maar ook als medewerker doen stil staan bij het gebruik van alcohol in de werkcontext’, zo luidde de algemene conclusie.Twee van de drie pilootorganisaties, namelijk ’t Rad en OCMW, namen bovendien zelf het initiatief om de campagne op een ludieke en kleurrijke manier af te sluiten met een projectweek. Tijdens de eerste week van juni kregen zij de Fantmobiel op bezoek. De werknemers brachten in kleine groepjes een bezoekje aan de roze olifant waarbij zij onder andere met een promillebril, die het effect heeft van een aantal glaasjes alcohol, praktische proeven moesten doen. Niet evident, zo bleek. In de caravan konden de medewerkers ook brochures meenemen over de gevolgen en risico’s van alcoholgebruik. Als kers op de taart werden zij getrakteerd op een alcoholvrije coctail. De boodschap was meteen duidelijk: ‘alcohol op het werk: bekijk het ook eens nuchter!’. |